Toename woninginbraken door versoepeling coronamaatregelen

Het aantal woninginbraken nam de afgelopen jaren af, maar neemt sinds een aantal maanden weer toe.

Volgens de politie heeft deze stijging te maken met het versoepelen van de coronamaatregelen. De horeca is weer open en reizen mag weer; hierdoor zijn mensen minder thuis. Ook zien inbrekers mogelijkheden nu de wintertijd is aangebroken. Onbewaakte en donkere huizen zijn aantrekkelijk voor inbrekers. Zijn er nog andere oorzaken van deze stijging? En wat wordt er gedekt vanuit de woonverzekering bij een woninginbraak? Pricewise legt het uit.

Kijkend naar de afgelopen vijf jaar laten de cijfers een daling in het aantal woninginbraken zien. Ieder jaar is er een piek in december en ook dit jaar is dat de verwachting. Sinds april 2021 is er weer een stijging in het aantal woninginbraken te zien. Afgelopen augustus stond het aantal woninginbraken zelfs op 2.319, terwijl dit in april nog op 1.324 lag.De politie verwachtte deze stijging al en geeft aan na elke versoepeling van de coronamaatregelen telkens een stijging te zien. Mensen zijn vaker van huis, wat inbrekers zien als kans. Bij strengere coronamaatregelen daalde het aantal inbraken juist weer. Dit is ook goed te zien aan de cijfers van vorig jaar. Na de piek in december 2019 met maar liefst 4.714 woninginbraken, werd in de maand mei 2020 een dieptepunt bereikt met 1.360 inbraken. Vanaf 1 juni 2020 werden de coronamaatregelen versoepeld. Vanaf dat moment is ook weer een stijging te zien met in juli 2020 in totaal 2.634 woninginbraken.

Uit data van voorgaande jaren blijkt dat de kans op inbraak bij donkere dagen toeneemt. In het donker lopen inbrekers een kleiner risico betrapt te worden. Gaan ze de woning in, dan wordt dat minder snel gezien. Met name de maand december is populair onder inbrekers: door de jaren heen worden in deze maand het hoogste aantal inbraken gepleegd, gevolgd door januari. In deze maanden zijn de feestdagen, zoals de kerstdagen en jaarwisseling het populairst. Het risico op inbraak ligt in die perioden gemiddeld 50% hoger dan op andere dagen van het jaar, zo blijkt uit de Risicomonitor Woninginbraken 2020 van het Verbond van Verzekeraars.

Bij een inbraak is er vaak sprake van schade. Dit brengt niet alleen kosten met zich mee, ook waardevolle spullen zijn in één klap weg. Tot op zekere hoogte kun je je hiervoor verzekeren. Er zijn hiervoor twee soorten woonverzekeringen: de opstalverzekering en de inboedelverzekering. Beide woonverzekeringen dekken andere kosten.

Een inboedelverzekering dekt diefstal van en schade aan de inboedel, oftewel alle losse spullen in het huis. Het is verplicht om bij een inbraak aangifte te doen bij de politie, om zo fraude tegen te gaan. De hoogte van de vergoeding verschilt per verzekeraar. Voor  sommige rubrieken zijn er maximale vergoedingen, zoals bij elektronica en sieraden. Het is soms ook mogelijk om de maximale dekking te verhogen, mits iemand extra premie betaalt. Vaak geldt er bij een inboedelverzekering ook een eigen risico.

Een opstalverzekering dekt de braakschade aan het huis, de garage of schuur. Er moet dan wel sprake zijn van braaksporen. Ook dient er, net zoals bij de inboedelverzekering, aangifte te worden gedaan van inbraak om in aanmerking te komen voor een vergoeding vanuit de verzekeraar. Met een opstalverzekering ben je in principe verzekerd tot de herbouwwaarde.